Hartmassage met actieve compressie/decompressie
(ACD-CPR)

Index



Inleiding

Index

Het princiepe van actieve compressie/decompressie-CPR (ACD-CPR) werd voor het eerst beschreven door Lurie et al. in 1989. Een patiënt gecollabeerd in de thuissituatie werd gereanimeerd door zijn vrouw, gebruik makend van een wc-ontstopper gemaakt uit rubber met een houten handvat. In het begin werd geen aandacht besteed aan deze nieuwe reanimatiemethode, tot dezelfde patiënt een tweede maal collabeerde, maanden na het primair cardiaal arrest. De zoon herinnerde zich de wc-ontstopper en kon met succes zijn vader reanimeren die, toen de urgentiediensten aankwamen, reeds weer bij bewustzijn was.


Werkingsmechanisme ACD-CPR

Index

De CardiopumpActieve compressie/decompressie wordt uitgevoerd met behulp van een manuele zuig- en drukpomp. Bij de eerste compressie adhereert de pomp aan de thorax, welke wordt geexpandeerd door een opwaartse kracht uitgeoefend op het handvat van de pomp. Compressie wordt alternerend uitgevoerd door een plaat gelocaliseerd in de pomp.

Gedurende de compressie is er een toename van de intrathoracale druk en in zekere mate een rechtstreekse compressie op het hart, wat beide de bloedstroom uit de thorax veroorzaakt. Gedurende de actieve decompressie genereert men een uitgesproken negatieve intrathoracale druk. Metingen van de oesophagale druk als standaard voor de intrathoracale druk en vergelijkingen met de intratracheale drukken, toonden aan dat de intrathoracale druk gedurende de compressiefase van standaard-CPR varieert van 5 tot 25 mmHg. Gedurende de decompressie valt de druk terug tot -5 mmHg [15]. Aldus zijn de intrathoracale drukverschillen veel meer uitgesproken dan bij standaardreanimatie. Bij elke compressie zal de snelle toename van intrathoracale druk het bloed uit de thorax stuwen, gedurende decompressie zuigt de snel dalende intrathoracale druk het bloed uit de venen in de thorax, resulterend in een significant groter bloedvolume in de thorax.
Na deze actieve decompressie volgt er ook een meer efficiënte compressie en een dalign in de vasculaire weerstand, wat leidt tot een verbeterde bloedflow naar het diepe coronaire bed zowel als naar de systeemcirculatie. De decompressie veroorzaakt immers een betere vulling van het hart en dus een voorbereiding van de pomp [27].

De coronaire en systemische bloeddoorstroming is afhankelijk van een aantal variabelen:

  • Thoraxcompliantie
  • De volemische status van de patiënt
  • De myocardiale functie
  • De kracht uitgeoefend gedurende de compressie
De grootte van de negatieve druk tijdens actieve decompressie is afhankelijk van :
  • De mate van obstructie van de luchtwegen
  • De kwaliteit van de decompressie
  • De thoraxcompliantie
  • Adhesie van de pomp op de borstkas
Deze factoren kunnen bepalend zijn voor de efficiëntie van deze nieuwe reanimatietechniek. Echocardiografie bevestigt dat bij ACD-CPR een significante toename van de bloedflow doorheen de mitralisklep waar te nemen is en dus dat de terugvloei in de thorax, naar het hart en naar de ventrikels, significant groter is.

Praktisch wordt ACD-CPR toegepast met behulp van de Cardiopump die op de thorax van de patiënt wordt geplaatst. Het toestel is draagbaar en niet duur in gebruik. Een drukmeter en een metronoom zijn ingebouwd om de CPR-techniek te optimaliseren.


ACD-CPR in combinatie met een weerstandsklep

Index

Door een kleine weerstandsklep te plaatsen tussen de endotracheale tube en de beademballon, kan de luchtweg tijdens de actieve decompressie afgesloten worden [15]. Hierdoor ontstaat een nog grotere dalign van de intrathoracale druk en wordt meer bloed naar de thorax aangevoerd. Tijdens de daarop volgende compressiefase opent de klep en stroomt de lucht naar buiten. De combinatie van de weerstandsklep tijdens ACD-CPR met een endotracheale tube met cuff  kan de veneuze retour zelfs synergistisch verhogen [57] wat uiteindelijk de circulatie naar hart en hersenen verbetert met nog eens 50% [3]. De toename in negatieve intrathoracale druk komt tevens de ventilatie ten goede, het end-tidal CO2 neemt significant toe bij gebruik van de weerstandsklep, samen met de systolische, diastolische en coronaire perfusiedrukken. Ook is een snellere terugkeer naar spontane circulatie merkbaar.


Complicaties van ACD-CPR

Index

De grotere kracht en energie op de thorax zou sneller kunnen leiden tot ribfracturen. Vooral bij vrouwen met grote borsten en een dieper liggend sternum wordt meer kracht overgebracht op de rand van het ACD-hulpmiddel, waardoor het risico op ribfracturen vergroot. Een aangepast design, bijvoorbeeld door kussens aangebracht op de drukplaatsen, zou deze problemen kunnen voorkomen [27].
Bij ongeveer 10% van de reanimaties buiten het ziekenhuis blijft de zuigkracht van het hulpmiddel moeilijk bewaard omwille van een vervorming van de thoraxkooi, losse of fraile huid of omwille van braaksel dat de thorax glibberig maakt. Een enkele casus beschrijft massieve cardiale letsels in een infarctzone na toepassing van ACD-CPR.