Polsloze elektrische activiteit
Bij een Polsloze Elektrische Activiteit (P.E.A.) toont het EKG relatief normale en georganiseerde ventriculaire complexen aan een bijna normaal ritme terwijl er geen palpeerbare
arteriële pols is. Er is dus een circulatiestilstand
ondanks een quasi normale elektrische excitatie.
De Polsloze Elektrische Activiteit is geen heterogene klinische entiteit. Patiënten met een PEA vertonen onderling een verschillende graad van fysiologische deterioratie, waarbij de bloeddrukwaarden kunnen variëren van effectief nul tot ernstige hypotensie met bewaarde mechanische contracties van het hart, dewelke echter te zwak zijn om een palpeerbare pols of een meetbare bloeddruk te genereren (pseudo-PEA). Bij het merendeel van de patiënten is er evenwel nog bewaarde mechanische hartactiviteit aanwezig.
De incidentie van PEA schijnt de laatste jaren toe te nemen ten bate van een daling van het aantal ventrikelfibrillaties [4]. Dit fenomeen is vermoedelijk te wijten aan een meer vroegtijdig herkennen en ingrijpen bij patiënten met coronair lijden [70].
Het optreden van een polsloze elektrische activiteit gaat meestal nog gepaard gaat met
enige mechanische activiteit van het hart. Deze activiteit is echter te zwak
om perifere pulsaties te genereren. PEA wordt vaak uitgelokt door enkele omkeerbare
oorzaken die men tijdens de reanimatie
moet tijdig trachten te herkennen en te behandelen.
De oorzaken van polsloze elektrische
activiteit kunnen worden onderverdeeld
in twee categorieën:
- Bij primaire Polsloze Elektrische Activiteit faalt het
excitatie-contractie proces wat resulteert in ernstige dalign van de cardiac
output. De
slechte functie van het geleidingssysteem
zorgt voor een traag hartritme met een breed complex op het elektrocardiogram. Dit ritme is representatief voor het afstervend
myocard.
Oorzakelijk noteert men een massief myocardinfarct,
in het bijzonder
een achterwandinfarct, een intoxicatie met farmaca zoals ß-blokkers,
tricyclische antidepressiva of calciumantagonisten of met toxines, hypothermie,
hypoxie en
elektrische verstoring door hypo- en
hyperkaliëmie.
- Bij secundaire Polsloze Elektrische Activiteit is er sprake van obstructie van het ventrikel of van de
cardiac
output. Op het elektrocardiogram
merk je een snel hartritme met
smalle complexen. De obstructie kan worden
veroorzaakt door spanningspneumothorax, pericardtamponnade, cardiaal ruptuur,
longembool, occlusie van een kunsthartklep
en hypovolemie.
|
|
|
De aanpak van een Polsloze Elektrische Activiteit verloopt net als de
aanpak van een ventriculaire asystolie.
Net zoals bij een ventriculaire fibrillatie
zal ook een polsloze elektrische activiteit bij kinderen uitgelokt worden door
een omkeerbare onderliggende
oorzaak. Spoor tijdens de reanimatie
deze oorzaak op en tracht te
behandelen.
De meest voorkomende oorzaak van een schijnbare PEA is een ernstige hypovolemische shock waarbij
de arteriële pols nog amper nog te voelen
is, terwijl het hart nog elektrische activiteit vertoont. Zonder behandeling zal het
geanalyseerde hartritme echter snel overgaan in een ernstige
bradycardie en
een asystolie.
Andere onderliggende oorzaken die je, voornamelijk bij
traumata, moet overwegen zijn de spanningspneumothorax en
de harttamponade. Een pulmonair embool is extreem zeldzaam bij kinderen. Metabole afwijkingen zoals hypothermie, overdosis farmaca en elektrolytenstoornissen
dienen eveneens in overweging genomen te worden.