Ventriculaire asystolie |
|
CPR \ Advanced Life Support \ Circulatie \ peri-arrest aritmieën \ Ventriculaire asystolie Index
Een ventriculaire asystolie is een volledige circulatiestilstand
waarbij het hart geen elektrische noch mechanische contracties vertoont. Het stilvallen van de ventrikelcontractie
is
te wijten aan het onderdrukken van alle natuurlijke of artificiële pacemakers.
Onder normale omstandigheden zal immers bij het stilvallen van de activiteit van
de sinusknoop een
trager idioventriculair ritme de cardiac output
onderhouden. Bij een ventriculaire asystolie faalt ook dit
"escape-ritme".
Myocardziekte, elektrolytenstoornissen,
anoxie of farmaca kunnen het hartritme onderdrukken en zo een asystolie veroorzaken.
Overmatige cholinerge activiteit kan plots de sinusknoop
of de atrioventriculaire
knoop deprimeren. Dit gebeurt voornamelijk wanneer de sympathische tonus reeds is verminderd, bijvoorbeeld bij
ischemie, bij infarcering of
ten gevolge van ß-blokkade.
Een asystolie wordt gediagnosticeerd wanneer men geen ventriculaire activiteit kan
detecteren op het elektrocardiogram.
DifferentiaaldiagnoseTwijfel je over de differentiaaldiagnose tussen een fijne fibrillatie en een asystolie, onderneem dan geen defibrillatiepogingen maar start onmiddellijk de Basic Life Support. Een poging om een zeer fijne fibrillatie te defibrilleren kent immers weinig succes en vergroot enkel de myocardiale schade, rechtstreeks door toedoen van de elektrische defibrillatiestroom en onrechtstreeks door het onthouden van hartmassage en coronaire perfusie[57]. Een goede reanimatie zal de amplitude van de fijne fibrillatie vergroten en de kans op een latere succesvolle defibrillatie doen toenemen. Verandert tijdens de reanimatie het hartritme in een fibrillatie, handel dan volgens het actieplan voor ventrikelfibrillatie. Stel je een asystolie vast, controleer het elektrocardiogram dan grondig op de aanwezigheid van p-toppen. De aanwezigheid van p-toppen vormt immers een indicatie voor pacing van het hart. Verlies echter geen tijd in een poging om een ware asystolie te pacen. Basic Life SupportStel je met zekerheid de diagnose van een ventriculaire asystolie of een Polsloze
Elektrische Activiteit, start dan de Basic
Life Support met 30 hartmassages
en 2 beademingen.
Controleer tijdens de reanimatie de correcte positie van de electroden van het elektrocardiogram.
Hercontroleer het hartritme na twee minuten CPR. Stel je vast dat de
asystolie persisteert, start dan onmiddellijk terug de hartmassages. FarmacaEpinephrine (Adrenaline)Tracht tijdens de reanimatie zo snel mogelijk een infuus te plaatsen voor de toediening van 1mg epinephrine intraveneus. Epinephrine wordt gebruikt omdat de alfa-adrenerge effecten de perifere vasoconstrictie bevorderen wat de efficiëntie van de hartmassage vergroot. Bovendien zullen de beta-adrenerge effecten van epinephrine de snelheid van ontladen van de sinusknoop verhogen waardoor een idioventriculair ritme gemakkelijker kan ontstaan. Epinephrine heeft een kort halfeven waardoor tijdens de reanimatie elke 3 tot 5 minuten een bolus van 1mg moet worden toegediend. Epinephrine kan ook worden toegediend via de endotracheale tube aan een dosis van 2 tot 3 mg, gedilueerd in 10ml. Na de toediening voert men vijf ventilaties uit om het farmacon goed te verspreiden in de bronchiaalboom en de absorptie te verbeteren. Een ventriculaire asystolie laat zich echter moeilijk herstellen door het toedienen van epinephrine zonder aanpak van de onderliggende oorzaak van de asystolie terwijl bij een polsloze elektrische activiteit het opsporen en behandelen van de reversibele oorzaken een betere outcome geeft dan de toediening van epinephrine. Al bij al blijft de toediening van epinephrine dus een secundaire interventie in de behandeling van een cardiaal arrest. Vasopressine
Daarentegen lijkt ook het gebruik van vasopressine een
effect te hebben op de outcome van de reanimatie. Misschien verklaart
de extreme ischemie bij patiënten in asystolie wel dit succes.
Vasopressine behoudt immers zijn vasoconstrictorische eigenschappen in geval
van extreme acidose, terwijl de catecholamines bij acidose falen.
Een grote gerandomiseerde in vivo studie kon niet bevestigen dat vasopressine
effectiever is in de setting van ventrikelfibrillatie en
P.E.A.
[7]. In geval van asystolie lijkt het gebruik van
vasopressine wel een
effect te hebben op de outcome van de reanimatie.
Het gebruik
van epinephrine in combinatie met vasopressine
in deze setting zou eveneens
enig nut kunnen hebben gezien de coronaire perfusie verbetert en de kans
op spontaan herstel van circulatie vergroot. AtropineEen asystolie kan worden uitgelokt of voorafgegaan door een overmatige vagale tonus welke theoretisch kan opgehoffen worden door de toediening van een vagolyticum. De richtlijnen raden bij een asystolie of een trage PEA (met een frequentie van minder dan 60bpm) een intraveneuze bolus van 3mg atropine aan, niettegenstaande er geen wetenschappelijke evidentie bestaat dat de toediening van atropine de outcome kan verbeteren [57]. Asystolie heeft echter een zeer slechte prognose en er zijn anecdotes van succesvolle toediening van atropine. Een bolus van 3mg IV zal onder normale omstandigheden de vagale tonus volledig blokkeren waardoor een eenmalige toediening volstaat. Intubatie en ventilatieBeveilig zo snel mogelijk de luchtweg met een endotracheale tube. Nadien kan de hartmassage continu doorgevoerd worden, zonder pauzes voor de beademing. Een intubatiepoging tijdens een reanimatie mag echter nooit langer dan 30 seconden in beslag nemen. Is deze periode verstreken zonder succes, herneem dan de beademing met de beademballon en geef voorrang aan het doorvoeren van de hartmassage [57]. Omkeerbare oorzakenGa tijdens de reanimatie op zoek naar omkeerbare oorzaken en behandel deze indien mogelijk. Cardiale pacingCardiale pacing is effectief wanneer het toegepast wordt bij patiënten met
PEA veroorzaakt door een atrioventriculair blok of door falen van de
SA-nodus. Het is minder succesvol wanneer de asystolie volgt op systemische metabole afwijkingen.
Bij kinderen is een asystolie de meest voorkomende onderliggende ritmestoornis
bij een plotse
hartstilstand. De asystolie wordt vaak voorafgegaan door een ernstige
bradycardie welke bij hypoxie en
acidose
progressief overgaat in een asystolie. De diagnose van een asystolie wordt eveneens gesteld op
electrocardiografie
in geval van een niet te
palperen pols.
|
|