Noodzaak voor een actieplan |
Een ongeval verstoort de dagelijkse routine, de normale gang van zaken en de
verwachte orde. Wanneer een omstander een noodsituatie benadert, wordt
hij of zij overstelpt door ongewone beelden, geluiden, geuren en zelfs smaken.
Een noodsituatie is immers een chaossituatie waarbij de normale
dagdagelijkse regelmaat plotsklaps werd doorbroken. Chaos en het zich niet meer
meester voelen over de situatie veroorzaken bij de omstanders paniek met de
neiging om te vluchten, te strijden of te blokkeren.
Ook de slachtoffers hebben niet meteen het volledige besef van de omvang van het
ongeval. Ze begrijpen niet wat er gebeurd is, of kunnen het gebeurde nog niet
onmiddellijk verwerken. Ook voor hen roept deze chaossituatie paniekgevoelens
op. Het zal dan ook vaak gebeuren dat de omstanders, noch het slachtoffer van
een dergelijk noodgeval, niet meer adequaat weten te handelen.
Om paniek te voorkomen dient men orde te scheppen in de chaos. Bij het
benaderen van een noodsituatie is het dan ook heel belangrijk om stapsgewijs te
werk te gaan. Reeds bij het aankomen bij een verkeersongeval overziet men best
de gehele situatie en neemt men grondig waar wat er juist aan de hand is. Ben je
getuige van de plotse hartstilstand van iemand in je omgeving, dan helpt het om
getraind te zijn in de stappen die je op dat ogenblik moet ondernemen. Je hebt
nood aan een vooraf opgesteld actieplan.
Nochtans is de eerste getuige van een noodsituatie - de startmotor en meteen
belangrijkste schakel in de hulpverlening - meestal een leek. Actieplannen
hebben weinig nut indien zij niet toegepast worden. De bevolking moet dus
gesensibiliseerd worden over de nood aan CPR-kennis en
getraind
in de technieken van de reanimatie.
De wetgever voorziet dat elke getuige van een ongeval verplicht is om te helpen
met de kennis en de middelen die hij of zij op dat ogenblik bezit; het alarmeren
van de hulpdiensten is hierbij een absoluut minimum. Een goede benadering van
een noodsituatie omvat echter veel meer.
Een belangrijke zorg bij het opstellen van CPR-actieplannen voor leken is de eenvoud ervan. De reden om naar eenvoud te streven komt van een ernstige beoordeling van het succes en falen van de publieke CPR-opleiding. Het wordt niet betwist dat CPR-kennis levensreddend is, doch na 30 jaar van opleiding van leken kunnen de meeste gemeenschappen een onvoldoende hoog percentage van de publieke sector in CPR trainen. Dit percentage is niet significant verhoogd in Europa en Amerika sinds de jaren '70. Paradoxaal, in sommige bijzonder hoogrisico populaties is de ratio van CPR door omstanders zeer laag. Daarom lijkt het noodzakelijk om meer inspanning te leveren om de bevolking op te leiden in de technieken van CPR en de opleiding en de skills voortdurend te evalueren naar haalbaarheid van de actieplannen.
Tenslotte houdt men bij het opstellen van de actieplannen rekening met demografische verschillen. Zelfs binnen de Europese Unie is er een ongelijkheid wat betreft beschikbaarheid van farmaca, uitrusting en personeel, waardoor regionale aanpassingen van de actieplannen verantwoord zijn (53).
De verschillende actieplannen op deze website zijn gebaseerd op de "European Resuscitation Council Guidelines for Resuscitation 2005", gepubliceerd in de medische tijdschriften waarnaar wordt verwezen. Tussentijds worden deze actieplannen steeds opnieuw aan een kritische blik onderworpen. De beschreven actieplannen hebben bovendien geenszins de pretentie om de enige juiste handelswijze bij een reanimatie te verkondigen, eerder geven zij een beeld hoe de reanimatie op het huidig ogenblik veilig en efficiënt kan doorgezet worden.
De overlevingsketen |
De beste overleving na een urgentie wordt enkel bereikt indien volgende sequenties elkaar zo snel mogelijk opvolgen:
Deze verschillende sequenties werden gelinkt in een overlevingsketen, welke slechts zo sterk is als haar zwakste schakel...

De overlevingsketen bij kinderen |
De overlevingsketen voor de reanimatie van kinderen en pasgeborenen omvat:
Actieplan voor Basic Life Support |
|
Bewusteloos slachtoffer |
Bewust slachtoffer |
|
|
Abnormale ademhaling of ademhalingsstilstand |
Bewust slachtoffer met normale ademhaling |
|
Actieplan voor gebruik van een AED |
Zodra een automatische externe defibrillator beschikbaar is:
|
|
Actieplan voor Basic Life Support bij kinderen |
|
Bewusteloos slachtoffer |
Bewust slachtoffer |
|
|
Abnormale ademhaling of ademhalingsstilstand |
Bewust slachtoffer met normale ademhaling |
|
Actieplan ALS VF/VT |
Ventriculaire fibrillatie en ventriculaire tachycardie zijn allebei defibrilleerbare hartritmestoornissen waarbij een identiek actieplan wordt gevolgd:
Actieplan ALS bij asystolie of PEA |
Actieplan voor CPR in het ziekenhuis |
|
Bewusteloos slachtoffer |
Bewust slachtoffer |
|
|
|
Niet-ademende patiënt |
Ademende patiënt |
|
|
|
Niet-ademende patiënt zonder circulatie |
Niet-ademende patiënt met circulatie |
|
|
De reanimatie wordt verder gezet tot het reanimatieteam kan overnemen of tot de patiënt opnieuw tekenen van leven vertoont.
Actieplan bij verstikking |
|
Volledige obstructie |
Onvolledige obstructie |
|
|
Volledige obstructie en bewust slachtoffer |
Volledige obstructie en bewusteloos slachtoffer |
|
|
Actieplan bij verdrinking |
|
Bewusteloos slachtoffer |
Bewust slachtoffer |
|
|
Abnormale ademhaling of ademhalingsstilstand |
Bewust slachtoffer met normale ademhaling |
|
Actieplan bradycardie |
Actieplan postreanimatie |
|
|